door Hans Biesheuvel van ONL

Werkloosheid is een maatschappelijk vraagstuk en moet daarom door de maatschappij opgelost worden. Zonder draagvlak in de samenleving is een oplossing gedoemd te mislukken, zoals de WWZ en Wet DBA ons toonden. Daarom maak ik me grote zorgen over het plan van de oude polder om het derde jaar WW zelf te gaan uitkeren. De sociale partners hebben een eigen private uitkeringsinstantie geknutseld voor deze uitkering. Een stichting, bestuurd door de polder, waar iedereen die onder een cao werkt verplicht aan moet afdragen. Het is niet mogelijk om 80% van de werkenden zomaar verplicht te laten meebetalen voor een polderspeeltje. Daarom is in de Stichting van de Arbeid een truc verzonnen: een ingewikkelde constructie met “verzamel-cao’s”, om iedereen die met cao’s werkt hiervoor te laten betalen. Onduidelijk is hoe mensen zich hieraan kunnen onttrekken. Het gevolg is een gedrocht van een instantie met een onmogelijke uitvoeringstaak. Het plan leidt tot een tweedeling op de arbeidsmarkt, tussen degenen die wel en niet een derde jaar WW krijgen. Het bijeffect is een verkeerde loonontwikkeling, omdat de vakbonden de bijdrage in hun looneisen zullen meenemen, waardoor het voor werkgevers onaantrekkelijk wordt om mensen in dienst te nemen. Met dit plan tonen de sociale partners hoe ver ze van de maatschappij en haar belangen af staan. Wederom wordt geprobeerd voor de eigen achterban resultaat te boeken over de rug van werkend en ondernemend Nederland.

Het optuigen van een stichting die op basis van een omslagstelsel werkloosheidsuitkeringen gaat uitkeren brengt veel risico’s met zich mee. Jonge werkenden zullen gelijk voor oudere werklozen gaan betalen, terwijl ze risico lopen om zelf later geen uitkering krijgen. Dit maakt het lastig om met het stelsel te stoppen als duidelijk wordt dat het niet werkt, omdat miljoenen werkenden al maandelijks premie hebben afgedragen. Of en hoe werkenden hiertegen beschermd zijn is onduidelijk. Het gaat immers om een aanbieder van private verzekeringen tegen werkloosheid, wat normaliter een publieke taak is. Het risico is dat de constructie zo opgetuigd wordt dat werkenden noch publieke noch private zekerheid hebben.

Het bieden van sociale zekerheid is terecht een overheidstaak. Hierdoor wordt geborgd dat de kosten collectief gedragen worden, dat het geld niet opgaat aan de bezoldiging van bestuurders én, het belangrijkste, dat iedereen er toegang toe heeft. De overheid is er voor alle burgers en niet alleen voor de leden. Objectieve criteria stellen vast wanneer iemand recht heeft op bijvoorbeeld een werkloosheidsuitkering, waarbij het niet uitmaakt of je vakbondslid bent of niet. Voorkomen moet worden dat er een splitsing in de sociale zekerheid komt en half Nederland drie jaar WW krijgt en de rest maar 24 maanden.

Een verruiming van de WW zal geen enkele werkloze aan nieuw werk helpen. Naarmate de tijd verstrijkt neemt de kans op het vinden van een baan exponentieel af. Iemand die twee jaar werkloos is, beschikt niet meer over de vaardigheden en kennis die werkgevers zoeken. Om te voorkomen dat werklozen van uitkering afhankelijk blijven en in de bijstand terecht komen, moeten ze geholpen worden. Hulp is nodig om mensen te activeren en weer op de arbeidsmarkt te krijgen, een derde jaar WW helpt hier niet bij. In plaats daarvan moeten we vol inzetten op omscholing. Vorige week was ik bij een ondernemer met een re-integratiebedrijf die tientallen oud-bankmedewerkers, allen ouder dan 50, had omgeschoold. Die zijn hem allemaal dankbaar en veel gelukkiger met hun nieuwe werk dan met een uitkering.

De maatschappij moet investeren in werklozen, zodat ze in staat zijn snel passend werk te vinden. Dit betekent handvatten geven zodat op de arbeidsmarkt gevraagde kennis en vaardigheden opgedaan kunnen worden. Langer uitkeringen verstrekken geeft een verkeerde prikkel. Het derde jaar WW is daarom onverstandig. Onze sociale zekerheid via cao’s en een speeltje van de polder inrichten is simpelweg gevaarlijk. Nodig is een maatschappij-brede oplossing om werklozen aan het werk te helpen. Ik doe alvast een voorzet: investeer in omscholing en maak het werkgeverschap aantrekkelijker.


Werkzoekend?

Een werkgever wil allereerst weten of je de taken kunt uitvoeren. Of je het al eerder gedaan hebt. Of je er de opleiding voor hebt. Je concrete vakinhoudelijke vaardigheden zeggen die werkgever veel meer dan vage kwalificaties zoals gedreven, enthousiast, creatief en hands-on. Bied de werkgever en de recruiter die feitelijke inhoudelijke informatie waarmee zij hun kandidaten zoeken. Zorg dat je op gesprek komt, zodat je jouw competenties goed kunt toelichten.

Wekr helpt de werkgever door de werkzoekenden de taal van de werkgever te laten spreken.

Maak een Wekr profiel aan

Hans Biesheuvel, initiatiefnemer ONL voor Ondernemers, ondernemer en bestuurder.

Hans Biesheuvel (1965) groeide op in een ondernemersgezin. Eind jaren ’80 koos ook hij voor het ondernemerschap en startte een technische groothandel. Dit werd later met de door zijn overgrootvader opgerichte onderneming, de Biesheuvel Groep. In 2000 verkocht Hans de groep en werd directeur-eigenaar van PGZ International om vervolgens in 2011 de functie van voorzitter MKB Nederland te bekleden. In 2013 nam hij afscheid van deze functie om samen met Mirjam Bink ONL voor Ondernemers op te richten. Hier zet hij zich vanaf het begin met hart en ziel in om de stem van ondernemers beter te laten horen de brug te slaan naar de politiek.

Volg Hans via social media:
Twitter: @BiesheuvelHans
LinkedIn: Hans Biesheuvel