door Pieter Penninkhof

Ach gossie, het gaat goed met de Nederlandse arbeidsmarkt. Het gaat zo goed volgens diverse media dat er nu een tekort aan geschikt personeel ontstaat. (KUCH, HOEST!) Nieuwe loot aan deze lachwekkende mening is een open briefje geschreven door de industriecoalitie en bestemd voor het kabinet waarin gemeld wordt dat er nu een groot tekort aan vakmensen is en deze tekorten alleen maar groter worden in de aankomende jaren, aangezien er een trits mensen met pensioen gaat. Ook het aantal scholieren dat uitstroomt voor deze banen is niet meer toereikend. En als klap op de vuurpijl is de toegezegde 100 miljoen een goed begin maar kan beter volgens dit clubje. Als ik dit soort bedragen voorbij zie komen en het dedain van dit veredelde (vr)eetclubje komt bij mij meteen een oud gezegde bovendrijven over het nooit ofte nimmer inspecteren van een gegeven paard...

Zoals menigeen het al gelezen heeft, heeft deze berichtgeving een grote mate van hilariteit bij mij opgewekt. De algemene wijsheid dat onder druk alles vloeibaar wordt, is zeker van toepassing op de huidige arbeidsmarkt en dan vooral de opstelling van de werkgevers tegenover het nieuwe personeel. Van: “10 anderen voor jouw!” naar de houding van: “geen personeel te vinden?! Alarmfase 1!,”. Zelf vraag ik mij af wat werkgevers in het verleden hebben gedaan om deze tekorten op te vangen. Werkgevers kunnen wijzen naar de economische crisis, maar het was al in de jaren negentig van de vorige eeuw bekend dat er chronische tekorten zouden ontstaan met de vergrijzing en pensionering van het huidige personeelsbestand. Maar het is niet alleen de kop in het zand steken wat de werkgevers nu ongekend opbreekt.

Een ander gegeven is het feit dat werkgevers voor de crisis hun organisaties volduwden met schulden om zodoende een lousy belastingvoordeeltje te behalen. Iets wat men in de bedrijfseconomie “maximale hefboomfunctie” noemt aangezien vreemd vermogen een voordeeltje oplevert van de belasting voor elke organisatie die dit toepast op de balans. En toen de economisch bom barste, moest men op van alles en nog wat bezuinigen en werden de Excelsheets met de kwartaalcijfers oppermachtig in deze organisaties. Want de omzet daalde dramatisch en de rentelasten namen toe. Voorbeelden van deze organisaties? Wat te denken van diverse financiële instellingen op Wallstreet, de Londense city of de Zuid-as in Amsterdam? Maar niet alleen deze organisaties hadden problemen.

Diverse bouwbedrijven en industriële bedrijven in Nederland zijn uiteindelijk failliet gegaan. Hoewel een aantal een doorstart hebben gemaakt in afgeslankte vorm, zoals sommige bouwbedrijven. Een van de voorwaarden was wel, het lozen van ouder duurder betaald personeel, waar uitgerekend nu het meest waardevolle immateriële kapitaal zat in de vorm van (onschatbare) kennis. En hoe ironisch, werkgevers zoeken massaal werknemers met veel werkervaring.

Als deze werknemers in dienst waren gebleven hadden deze hun waardevolle ervaring konden overdragen op de jongere werknemers, die dit hard nodig hebben in hun (aankomende) carrière. Trouwens, dit gebeurt niet alleen in de bouwwereld. Ook de financiële en IT wereld kennen het zelfde probleem. Ook hier zoekt men naar mensen met 4 of meer jaren werkervaring met als resultaat dat deze bij elkaar worden weggekocht. Waar mensen die van de opleiding afkomen structureel aan de zijlijn staan of baantjes ver onder hun niveau krijgen. En zodoende een vicieuze cirkel in stand houden.

Resumerend: personeelstekort? Dat is een de facto zelf gecreëerde probleem. Aangezien men voor de crisis niet bezig was met de core business, zoals bouwen en/of financiële dienstverlening. Men goochelde op de balans voor een belastingvoordeeltje. De werkgevers hebben in het verleden een groot probleem gecreëerd door uitgerekend meer bezig te zijn met de balans dan vooruitkijken. Daarom ben ik van mening dat het hier een schoolvoorbeeld is van eigen schuld, dikke bult!

Pieter Penninkhof

Oprichter publicist en actieve blogger
De Ruiters van het Liberalisme is een persoonlijke blog en op eigen initiatief dat het (conservatieve) liberalisme een warm hart toedraagt, maar helemaal losstaat van welke politieke partij dan ook. Vanwege deze onafhankelijkheid zijn (gast)schrijvers ook in staat om ongehinderd hun eigen mening te geven op diverse situaties en dit vanuit een persoonlijk (conservatief) liberale of andere politieke/levensovertuiging.

Alle Bloggers van De Ruiters van het Liberalisme schrijven op eigen titel en verder wordt de polemiek niet geschuwd.

Pieter op LinkedIn