Frank verzorgde de volgende pitch op het nationaal arbeidsmarkt debat van ABU

Op het Smorgasbord mist een arbeidscontract

Je zou denken: op een flexibele, diepe en volwassen arbeidsmarkt als de Nederlandse zijn alle smaken waarin werkgevers en werkenden willen samenwerken wel voorhanden. En ja, er is een Smorgasbord aan opties. Toch ontbreekt er een smaak, en mijn vermoeden is dat alle belanghebbenden – werkgevers, werknemers én de overheid – ervan zouden profiteren als we deze smaak zouden toevoegen.

Het leerwerkcontract met een looptijd van zeven jaar.

Wat is het? Het is, ten eerste, een arbeidsovereenkomst met een leerparagraaf. Partijen maken niet alleen afspraken over werktijden, beloning en vakantiedagen, maar ook over het leerbudget en de leertijd van de werkende. Een leven lang leren, kortom, wordt onderdeel van de arbeidsovereenkomst.

Het is, ten tweede, een contract van bepaalde tijd, maar die bepaalde tijd is veel langer dan nu gebruikelijk is. In het begin, stel ik me voor, is er een proeftijd van een halfjaar. En zes maanden voor afloop moeten partijen besluiten of ze nog een rondje van zeven jaar willen doen, of dat ze eigenlijk wel klaar zijn met elkaar. Besluiten partijen uit elkaar te gaan, dan heeft de werkende dus zes maanden om nieuw werk te zoeken.

Het is, ten derde, een contract zonder ontslagvergoeding. In plaats van die ontslagvergoeding heeft de werkgever gedurende zeven jaar ruim budget en tijd beschikbaar gesteld om duurzaam inzetbaar te blijven.

Het is, kortom, een toekomstgericht contract tussen volwassen partijen.

Voor werkgevers is het, in enge zin, kostenneutraal. Wat nu aan ontslagvergoedingen moet worden betaald, wordt in zo’n contract aan opleidingskosten en -tijd betaald. Maar in bredere zin is het aantrekkelijk omdat elke zeven jaar opnieuw de balans kan worden opgemaakt. Wil ik echt door met Frank?

En de werknemers?

Dat hangt sterk af, uiteraard, welke van de huidige smaken op het Smorgasbord van toepassing is. Voor een 55-jarige die al dertig jaar bij één werkgever werkt, is het een achteruitgang, allicht. Voor een jongeling die nu de jaarcontracten aan elkaar knoopt bij verschillende werkgevers is het juist vooruitgang. Maar nu ben ik aan het vergelijken met bestaande arbeidsrelaties.

Maar neem een nieuwe arbeidsrelatie. Voor een werknemer – of die nu 55 is of 25 jaar – biedt een zevenjaarsperiode behoorlijk wat zekerheid en de deal is dat gedurende deze periode geld en tijd beschikbaar zijn om te gebruiken voor mijn werkzekerheid op langere termijn. Ik zou denken: goede deal.

De overheid realiseert, na invoering van dit contract, via de arbeidsmarkt dat er echt eens werk wordt gemaakt van een leven lang leren – en het kost de overheid geen cent. Zal de structurele werkloosheid op langere termijn lager zijn? Je zou denken van wel.

Als deze contractsvorm aanspreekt kunnen we nog wel een stapje verder gaan. Zullen we alle contracten voor onbepaalde tijd van rechtswege omzetten in zo’n leerwerkcontract van 7 jaar? Desnoods met een restantje ontslagvergoeding voor wie dit betreft? Ik zie vooral voordelen.

Al ligt het Smorgasbord op de arbeidsmarkt vol met spullen, het lekkerste, moet de conclusie luiden, ligt er weer niet bij.